0 comments on “Te gast bij Dichtbij Nederland”

Te gast bij Dichtbij Nederland

dichtbij nederlandAfgelopen vrijdag was ik een uur lang te gast bij het radioprogramma Dichtbij Nederland en sprak met Laila Abid over onder andere 10 jaar Republiek Allochtonië (voorheen Allochtonenweblog), de verharding van het integratie- en islamdebat, discriminatie, islamofobie, radicalisering, de media en het haperen van onze democratie.

Ik mocht vier nummers laten horen en koos voor: Armageddon Days are Here (Again) van The The, Hij was maar een neger zo’n zwarte van de Zangeres zonder Naam, Politiek van Bram Vermeulen en Raoui van Souad Massi.

Het interview is te beluisteren via de website van Dichtbij Nederland.

0 comments on “Interview met Mohamed Azahaf”

Interview met Mohamed Azahaf

azahafMohamed Azahaf was de initiatiefnemer van de petitie ‘Stop voordracht Guido van Woerkom als Nationale Ombudsman’. Vervolgens werd hij zelf onderwerp van discussie. Was hij wel de aangewezen persoon om Van Woerkom aan te spreken op een in het verleden gedane uitspraak? Azahaf had immers zelf een radicaal verleden.

Bovendien zou hij volgens de ouders van de in 2004 vermoorde filmregisseur hebben gelogen over een ontmoeting met hen. Ik sprak voor Republiek Allochtonië met hem over de ophef van de voorbije dagen, over Van Woerkom en over (terugkerende) Syriëgangers. Lees verder op Republiek Allochtonië

0 comments on ““Met het bord ‘Wilders, hond van Israel’ had ik minder moeite.””

“Met het bord ‘Wilders, hond van Israel’ had ik minder moeite.”

menebhiAbdou Menebhi is al jaren actief in de strijd tegen racisme en discriminatie in Nederland. Hij was één van de organisatoren van de demonstratie in Amsterdam dit jaar  tegen racisme. Ook heeft hij het OM opgeroepen actie te ondernemen tegen Geert Wilders. Menebhi kreeg voor zijn werk waardering en prijzen, maar ook veel kritiek, onder andere vanwege zijn anti-Israelische standpunten. Ik interviewde hem twee weken geleden voor Republiek Allochtonië. Nu ook op mijn eigen blog.

1 comment on “‘Multiculturele samenleving is een gegeven’ (interview jean tillie)”

‘Multiculturele samenleving is een gegeven’ (interview jean tillie)


‘Ik vind het waanzinnig dat een vice-premier oproept om te generaliseren en te polariseren. Daarmee los je geen problemen op. Bos denkt zo het Fortuyn-electoraat terug te krijgen, maar de hysterie en de onrust blijven hierdoor alleen maar voortbestaan. ’

Aan het woord is hoogleraar Jean Tillie. Hij doet al jaren onderzoek naar verschillende aspecten van de multiculturele samenleving. Hij publiceerde veel over de politieke participatie van migranten, over migrantenorganisaties en over extreemrechts stemgedrag in Europa. Het onderzoek dat hij met Marieke Slootman deed naar radicaliseringsprocessen onder Amsterdamse moslims heeft grote invloed gehad op het beleid van de gemeente Amsterdam. Tillie is sinds vorig jaar bijzonder hoogleraar Electorale Politiek en is als adjunct-directeur verbonden van het Instituut voor Migratie en Etnische Studies (IMES) van de Universiteit van Amsterdam. In zijn onlangs verschenen boek ‘Gedeeld land’ maakt Tillie de balans op van het multiculturele debat in de afgelopen jaren en doet hij aanbevelingen om van een ‘verdeeld land’ weer een ‘gedeeld land’ te maken. Een goede aanleiding voor een interview.

Democratie en onbehagen
“Mijn belangrijkste zorg is de democratie. Nederlandse burgers hebben minder vertrouwen gekregen in de politiek. Er is sprake van onbehagen en dat spitst zich vaak toe op kwesties die met de multiculturele samenleving te maken hebben.”

Tillie vindt dat dit onbehagen serieus wordt genomen. ‘Ik ben niet van de school die problemen wil ontkennen. Het is trouwens een hardnekkig misverstand dat in de Nederlandse beleidsnota’s de problemen lange tijd zouden zijn ontkend. In die nota’s werden de problemen meestal wel keurig opgenoemd, maar er werd heel lang niet echt een discussie over gevoerd. Dat past ook in een traditie. We zijn in Nederland niet gewend te debatteren over elkaars levensbeschouwing en levensstijl. Ook over de normen en waarden van het christendom zijn amper debatten gevoerd.  Het christelijke geloof werd in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw wel geridiculiseerd, maar er vonden amper serieuze discussies plaats.’

Jean Tillie verwijst voor een verklaring van het onbehagen over de multiculturele samenleving naar onderzoek van de Amerikaan Robert Putnam. Hieruit bleek dat in wijken met een grote etnische diversiteit, bewoners van alle etnische achtergronden zich terug trekken. Etnische diversiteit leidt tot een daling van het sociale vertrouwen tussen etnische groepen en binnen etnische groepen. Tillie: “Het onderzoek van Putnam leverde een onaangename conclusie op: etnische diversiteit leidt tot sociaal isolement. Dezelfde conclusie trokken Lancee en Dronkers later uit een vergelijkbaar onderzoek in Nederland. Dit sociaal isolement is zowel bij extreemrechts als bij moslims een belangrijke verklarende factor voor radicalisering.”

In zijn boek schrijft Tillie: “Allochtone Nederlanders en autochtone Nederlanders voelen zich psychologisch onveilig. De multiculturele samenleving krijgt de schuld van deze situatie. Een meerderheid van de inwoners van Nederland heeft het gevoel dat ze gediscrimineerd worden en slachtoffer zijn van een onrechtvaardige, onoverzichtelijke maatschappij. Dit leidt tot passiviteit, starheid en het onvermogen om de omgeving met een genuanceerde blik te bekijken. Conflicten hebben de neiging snel te escaleren omdat mensen alleen nog maar met zichzelf bezig zijn en geen oog meer hebben voor het gemeenschappelijke belang. In de politiek mondt dit uit in een hysterisch debat over ‘de’ Nederlandse cultuur, over Marokkaanse ‘straatterroristen’ en over ‘extremistische’ moslims.”

Integratiedebat
Hans Janmaat was de eerste Nederlandse politicus die het ongenoegen in de jaren 80 met de multiculturele samenleving op de agenda zette. Jean Tillie maakte in die jaren zelf voor het eerst kennis met het electoraat van Janmaat: hij raakte tijdens een popconcert verwikkeld in een vechtpartij toen zijn zwarte vriend door aanhangers van Janmaat in elkaar werd geslagen. Tillie werd zelf met een stalen pijp het ziekenhuis ingeslagen. Toch is Tillie mild over de politicus Janmaat: “Hij is een van de eersten die het multiculturele ongemak aan de orde stelde. Hij benoemde een sluimerend probleem in de Nederlandse samenleving, maar werd weg gezet als een gevaarlijke gek. Als je nu leest wat er op het internet allemaal wordt gezegd, dan zijn Janmaats woorden met terugwerkende kracht gematigd. De man had alleen wel veel neo-nazistisch volk om zich heen.”

0 comments on “‘Taal is het grootste mysterie dat er is’ (interview Mustafa Stitou)”

‘Taal is het grootste mysterie dat er is’ (interview Mustafa Stitou)


Met Ramsey Nasr hebben we een geweldige Dichter des Vaderlands gekregen en Amsterdam kan ook enorm tevreden zijn met Mustafa Stitou als nieuwe stadsdichter. In 1995 mocht ik Stitou interviewen voor het Nederlands-Marokkaanse blad Meraat.

“De mens heeft zichzelf en zijn taal. Het is een orgaan. Taal, dat ben je. Ik vind de manier waarop iemand zich uitdrukt belangrijker dan hoe hij eruit ziet.” Met twinke­len­de ogen beschrijft de dichter Mustafa Stitou zijn liefde voor de taal. “Taal is het grootste mysterie dat er is. Het is noodzakelijk dat ik me ermee bezig houd.”

Stitou is de eerste dichter van Marokkaanse origine, die in het Nederlands dicht. Als debuterend dichter was hij in juni een van de genomineerden voor de Buddingh’prijs.

Mustafa begon toen hij veertien jaar oud was met dichten. “Als kind had ik al meer een talige dan een visuele fantasie. Ik vond het leuk om te spelen met taal. Ik begon met het schrijven van liefdesgedichten, maar die waren erg slecht.” In 1992 deed hij mee met een dichtwedstrijd van de El Hizjra en won hij een van de prijzen. Uitgeverij Arena was geïnteresseerd en bood hem een contract aan. Na twee jaar was er voldoende materiaal om een bundel samen te stellen. In oktober 1994 debuteerde Stitou met de prachtige dichtbundel Mijn Vormen.

ik ben de jonge Marokkaan
en zijn anderstalige gedachten
(fragment uit: Zomaarcafé)

Voor een debuutbundel kreeg Mijn Vormen opvallend veel publiciteit. “Schandalig veel”, aldus Stitou. Het was niet alleen de kwaliteit van de bundel die de aandacht trok, ook het gegeven dat de bundel in het Nederlands was geschreven door iemand van Marok­kaanse afkomst, benadrukken uitgever en pers.