ochtendLaila (41 jaar) is geboren in Paramaribo en woont vanaf haar 12e in Nederland. Ze is meervoudig zedenslachtoffer. Als klein kind werd ze gedurende vijf jaar misbruikt door haar oom.

Laila stuurde in februari een berichtje dat ze graag wilde vertellen wat haar is overkomen. Ze heeft er lang over nagedacht, maar heeft besloten dat ze nu toch haar verhaal kwijt wil. We spraken afgelopen week af in een Amsterdams café.

Waarom wil je met je verhaal naar buiten treden?

Ik wil dat graag vertellen omdat er veel vrouwen zijn met verborgen leed, slachtoffers van seksueel misbruik, die daar niet mee naar buiten durven treden. En daar hebben ze ook wel redenen voor. Vrouwen die hun verhaal vertellen, worden vaak niet geloofd. Er wordt lacherig over hun verhalen gedaan of ze krijgen de schuld van het misbruik. Dat trek ik me erg aan.

Hoe komt dat?

Omdat ik het zelf ook heb meegemaakt. Ik was zelf vanaf jonge leeftijd slachtoffer van seksueel misbruik. Toen ik daar mee naar buiten kwam, voelde ik me niet gesteund, maar kreeg ik juist verwijten.

Wil je iets vertellen over het misbruik dat je hebt meegemaakt?

Ja. Het begon in Paramaribo. Ik werd destijds ieder weekend naar mijn oma gebracht omdat mijn ouders tijd voor zichzelf wilden hebben. Ik ben bij mijn oma misbruikt door twee broers van mijn vader. Eén oom misbruikte me eenmalig en de andere oom, hij was destijds begin 20, heeft me vijf jaar misbruikt.

Hoe oud was je toen?

Ik heb zelf herinneringen vanaf mijn derde jaar, maar waarschijnlijk begon het al eerder, op mijn tweede.

Wat kun je je dan herinneren?

Het uitte zich in een verandering van mijn gedrag. Ik was een onbevangen, vrolijk kind. Ik zong liedjes, maar vanaf mijn 3e veranderde dat. Vanaf toen wilde ik liever niet meer bij mijn oma zijn. Ik wist wat er ging gebeuren, ik begon weer met bedplassen en gaf van de spanning over.

Als ik er dan was dan probeerde ik me met mijn ogen dicht te verbeelden dat ik in een andere ruimte verkeerde. Dat was ook de enige manier om in slaap te vallen.

Dat moet je ouders ook zijn opgevallen. Hoe reageerden zij op je gedragsverandering?

Op mijn 5e heb ik voor het eerst aan mijn moeder verteld. Toen ze me naar de wc bracht vertelde ik dat ik pijn had bij het plassen, omdat mijn oom me daar pijn deed.

Mijn moeder heeft daar toen niet op gereageerd. Ik ben wel naar de dokter gestuurd vanwege de aanhoudende misselijkheid en mijn cijfers kelderden in de tweede klas van de lagere school.

Toen ik er vele jaren later bij mijn moeder op terug kwam, ontkende ze dat ik het verteld had. Het kost mij moeite dat te geloven. Zeker nadat ik later ook hoorde dat in de tijd dat ik misbruikt werd, dezelfde oom een 11-jarig nichtje ook zwanger heeft gemaakt. Iedereen in de familie wist dat, maar dat werd goed gepraat door te verklaren dat zij ‘voorlijk’ was. Ze had al borsten en zo. Maar dan nog: ze was 11. Ze heeft een abortus gehad en dat was een schande voor onze familie.

Kun je en wil je vertellen wat je oom bij jou deed?

Hij liet me oraal het een en ander doen en heeft geprobeerd te penetreren. Ook met voorwerpen.

Als klein kind onderga je dat. Ik was niet bang, maar voelde wel dat er iets niet klopte. Hij was welbespraakt en manipulatief. Hij kocht mijn tante om met geld en snoep om mij bij hem te laten slapen. Daarnaast zei hij ook dat ik het niet aan mijn ouders mocht vertellen en als ik dat wel zou doen, dat ik dan geen goede dochter zou zijn en mijn ouders me niet meer lief zouden vinden.

Het stopte op mijn achtste toen mijn oma naar Nederland verhuisde. Vier jaar later verhuisden wij ook naar Nederland.

Wat voor effect had dit op jou?

Aanvankelijk werd ik heel stil en nerveus. Ik trok mezelf erg terug. Ik sliep als kind slecht, plaste soms in bed en kon me ook slecht concentreren. Dat had weer effect op mijn schoolprestaties. Op latere leeftijd kon ik slecht mijn grenzen aangeven.

Heb je het er na je vijfde nog een keer met je ouders over gehad?

Op een gegeven ogenblik vertelde ik het wel aan mijn moeder, maar ik voelde me niet gehoord.

Toen we in Nederland, in Brabant, woonden, zou de oom die me één keer misbruikt heeft, klusjes bij ons komen doen. Daar werd ik bang van. Ik vertelde mijn moeder dat ik niet wilde dat hij kwam omdat hij me misbruikt had. Ik heb het toen ook over mijn andere oom gehad. Ik wist zeker dat ik het als klein kind ook al had verteld, maar voor mijn moeder was het nieuw, zei ze. Misschien heeft ze het al die jaren verdrongen.

Mijn ouders hebben het vervolgens aan mijn oma verteld en die vertelde dat er veel meer klachten waren gekomen over mijn oom. Hij had meer kinderen misbruikt, maar daar was nooit iets mee gebeurd.

Hebben jullie aangifte gedaan?

Dat gebeurde pas jaren later. Omdat ik een slechte relatie met mijn ouders had, wilde ik op mijn 17e het huis uit. Volgens mijn ouders had ik hulp nodig vanwege het seksueel misbruik. Ik heb toen aan een maatschappelijk werkster mijn verhaal verteld en zij moedigde me aan om aangifte te doen.

Wat gebeurde er met de aangifte?

Ik werd door de politie meteen heel serieus genomen. Het bleek namelijk dat er al meer klachten over mijn oom waren binnengekomen. Maar toen mijn oom hoorde dat ik aangifte had gedaan, deed hij direct aangifte wegens smaad en laster. Hij deed aangifte tegen mijn vader, omdat ik nog minderjarig was.

De politie heeft mijn oom opgepakt en enkele dagen vastgehouden, maar kreeg de zaak niet rond omdat diverse mensen, ook in Suriname, weigerden te praten.

Hoe reageerde je familie?

Mijn familie wilde geen contact meer met me.

Er werd gezegd dat ik had gelogen. Ik denk dat het vooral voortkomt uit de schaamtecultuur. Ik had de familie te schande gemaakt.

Daarnaast werd beweerd dat ik zelf, als kind al, veel te vrije opvattingen over liefde en seks had. De toenmalige vrouw van mijn oom zei dat ik ontspoord was. Ik had wel eens aan een tante in vertrouwen verteld dat ik met een jongen gezoend had en dat werd later tegen me gebruikt.

Daarnaast had ik als puber een dagboek bij mijn oma laten liggen. Een tante heeft dat toen ingezien en gelezen dat ik over jongens schreef die ik leuk vond. Bij sommige jongensnamen had ik hartjes geplaatst, omdat ik ze leuk vond. Ik was een puber. Alleen hartjes, verder geen erotische woorden of zo, maar toch werd dat door mijn tante tegen mij gebruikt.

Ik heb een tante waarvan ik wist dat ze ook misbruikt was door haar broer gevraagd om aangifte te doen. Ze heeft weliswaar het contact met haar broer verbroken, maar ze vond aangifte te heftig en voor haar te ingrijpend.

Ook het nichtje dat op haar 11e zwanger was geworden van hem, wilde het niet oprakelen. Ze wilde het achter zich laten.

Wat ik nu achteraf kwalijk vind is dat mijn familie me als een blok heeft laten vallen. Een enkele tante zei ‘sterkte ermee’. Het accent werd al snel verschoven van de dader naar het slachtoffer, naar mij. Ik kreeg het verwijt dat ik te labiel was.

En je oma?

Ik kwam haar vlak na de aangifte in de bus tegen. Ze negeerde me. Sindsdien heeft ze me 20 jaar genegeerd. Ik werd daar heel verdrietig en neerslachtig van.

Twee jaar geleden kwam ik haar voor het eerst tegen in een snackbar in Waalwijk. Ze liet alles uit haar handen vallen en begon keihard te huilen. Dat was bijzonder want dat deed ze zelden. Toen ben ik naar haar toe gegaan om haar te troosten. Verder hebben we geen contact gehad.

Met je ouders heb je wel contact gehouden?

Ja, maar dat bleef vrij moeizaam. Ik kreeg veel commentaar. Ik deed niets goed. Er deugde niets aan me.

Mijn vader verspreidt het verhaal dat ik psychisch labiel ben, maar ik heb inmiddels voldoende bewijs dat dat niet heb geval is.

Waarom hield jij dan zelf toch contact?

Misschien omdat mijn ouders de enige familieleden zijn die ik nog heb. Het zijn toch mijn ouders. Tegelijkertijd ben ik er inmiddels ook een beetje klaar mee. Mijn moeder stuur ik dagelijks sms’jes, maar ik krijg geen antwoord meer.

Wat voor impact heeft het op je gehad?

Dat vind ik moeilijk om precies aan te wijzen. Ik kwam in de grote boze buitenwereld en kon daar niet goed mee om gaan. Ik ging veel uit, als een soort vlucht, maar dat hielp me niet. Ik heb veel nare dingen meegemaakt. Het is moeilijk om te bepalen in hoeverre mijn leven beïnvloed is door wat ik als kind heb meegemaakt.

Misschien heb ik wel de neiging te veel naar de verkeerde mannen toe te trekken. De laatste jaren heb ik opnieuw te maken gekregen met een zeden- en smaadzaak. Ik ben nu op een andere manier misbruikt door een man. Die zaak loopt nog. Daar kan ik nu niet veel over zeggen. Wat ik wel kan vertellen is dat ik opnieuw slachtoffer ben geworden van een vorm van seksueel geweld. De dader verspreidt nu, om mijn verhaal te verzwakken en zijn eigen positie te verstevigen, het verhaal verspreidt dat ik labiel zou zijn.  Hij wordt hierin gesteund door mijn vader. Ook nu merk ik dat er opnieuw naar mij wordt gewezen en dat enkele vrienden en familie het contact met mij hebben verbroken.

Toen ik voor het eerst hoer of slet werd genoemd, kwam dat keihard aan. Op die manier kwam het verwijt terug dat ik te losbandig zou zijn. Behalve dat het niet klopt, kreeg ik daarmee ook het verwijt dat het allemaal mijn schuld was.

Het is een vorm van victim blaming. Niet de dader, maar het slachtoffer krijgt de schuld. 

Ja, precies en dat is het mechanisme dat ik aan de kaak wil stellen. Als vrouw ben je niet alleen kwetsbaar als je misbruikt wordt, maar ook als je misbruik aan de kaak stelt. Ik ben ook niet de enige. Er zijn heel veel andere vrouwen die vergelijkbare zaken hebben meegemaakt en voor ‘aandachtshoer’ worden uitgemaakt wanneer ze met hun verhaal naar buiten treden. Dat steekt.

Wat ik ook kwalijk vind is dat je van mannen vaak de reactie krijgt: “Weet je hoeveel vrouwen dit soort zaken niet verzinnen?“  Natuurlijk zullen er wel eens vrouwen zijn die niet de waarheid spreken, maar dat zijn er niet veel. En dat betekent dus niet dat je ieder verhaal daarom moet wantrouwen. Bovendien is het niet niks om als vrouw je nek uit te steken en met dit soort verhalen naar buiten te treden. Je krijgt heel wat shit over je heen.

Dat geldt voor alle vrouwen, ongeacht kleur of afkomst, maar binnen sommige gemeenschappen is er meer sprake van een schaamtecultuur. Dat geldt ook voor de Surinaams Hindoestaanse gemeenschap waaruit ik kom.  Als vrouw dien je je op een bepaalde manier te gedragen en wanneer je nare dingen overkomen.

Tegelijkertijd wil ik me ook niet te veel een slachtoffer voelen en ook niet in een slachtofferrol kruipen. Ik ben altijd blijven knokken en heb steeds geprobeerd er het beste van te maken. Het leven gaat ook na heftige dingen door.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s