Factcheck van drie beweringen in Trouw over criminaliteit

factcheck‘De criminaliteit daalt, maar niet onder alle bevolkingsgroepen’. Dat werd vorige week zaterdag beweerd in dagblad Trouw.  Verder werd in het artikel gesteld dat het aandeel ‘allochtonen’ in de totale criminaliteit eerder toe zou nemen dan af zou nemen. Tenslotte zou volgens Trouw één op de vier verdachten van Marokkaanse afkomst zijn. Tijd voor een factcheck.

Waar waren de beweringen van Trouw op gebaseerd?
Trouw schreef het artikel naar aanleiding van het verschijnen van het boek Marokkanen in de marge van Hans Werdmölder. Daarnaast kwam het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) met het nieuws dat de criminaliteit al zeven jaar daalt. Omdat het CBS volgens Trouw geen cijfers gaf over het aandeel van Nederlanders met een migratie-achtergrond, was Trouw zelf op onderzoek gegaan.

Hierbij stuitte het dagblad op het Jaarrapport Integratie uit 2012. Trouw las in dit rapport dat “de afnemende geregistreerde criminaliteit niet te danken was aan jongens van Marokkaanse en Antilliaanse huize”. Ook zou uit dit rapport blijken dat Marokkanen, waarmee Trouw ‘Marokkaanse Nederlanders bedoelt, na een daling tot 2008, juist weer een groter aandeel gingen uitmaken van verdachten van een misdrijf. “In 2005 was een op de vijf verdachten van Marokkaansen huize, in 2010 was dat al een op de vier.”

Trouw vervolgt met een opmerkelijke bewering: “En dat niveau is constant, bleek in 2014. Toen zei Brahim Bourzik van het Landelijk Beraad Marokkanen in het RTL Nieuws dat ‘zijn’ jongens nog steeds sterk oververtegenwoordigd waren in de criminaliteitsstatistieken.”

Kloppen de beweringen van Trouw ook?

De eerste bewering van Trouw, namelijk dat de criminaliteit niet onder alle bevolkingsgroepen daalt, wordt in een grafiek die Trouw zelf bij het artikel plaatst direct ontkracht.

criminaliteit trouw

bron: Trouw
Hieruit blijkt immers overduidelijk dat het aantal verdachte minderjarigen per 10.000 inwoners onder alle genoemde bevolkingsgroepen is afgenomen. Rechtsonder in de grafiek wordt zelfs expliciet gesteld dat het aantal verdachte Marokkaanse jongeren per 10.000 Marokkaanse Nederlanders in 2014 de helft was van het aantal verdachte Marokkaanse jongeren in 2005. Ook onder Antilliaanse jongeren is sprake van een afname van het aantal verdachten per 10.000 inwoners. Cijfers op de website van het CBS laten vergelijkbare trends onder volwassen verdachten zien.

Aandeel allochtonen
Dan de bewering over het aandeel allochtonen in de criminaliteit dat zou toenemen. Voor deze bewering beroept Trouw zich op het Jaarrapport Integratie 2012 en op een bewering van Brahim Bourzik wanneer het over specifiek Marokkaans Nederlandse jongeren gaat.

Om met het laatste te beginnen. Nog los van de vraag of Bourzik op dit gebied een autoriteit is, is zijn bewering dat er sprake is van oververtegenwoordiging van Marokkaanse jongeren in de criminaliteit, is iets geheel anders dan dat hun aandeel constant zou blijven.

Trouw verwijst verder naar het Jaarrapport Integratie 2012 . Hierin staat inderdaad te lezen dat van 2000 tot 2006 de oververtegenwoordiging van allochtonen in de criminaliteit was afgenomen en dat er na 2006 weer sprake was van een toename. Er staat niet dat één op de vier verdachten van Marokkaanse herkomst is, zoals Trouw beweert, maar wel dat Marokkaanse en Antilliaanse Nederlanders vier tot vijf keer vaker worden verdacht dan hun autochtone leeftijdsgenoten. De cijfers op de website van het CBS tonen aan dat het aantal verdachten onder 10.000 Marokkaanse en Antilliaanse Nederlanders in 2014 vijf keer hoger lag dan het aantal verdachten onder 10.000 autochtone Nederlanders.

Recente cijfers
Op grond van de cijfers van het CBS kan geconcludeerd worden dat in 2014 52% van de 215.000 geregistreerde verdachten autochtoon en werd 48% door het CBS gerekend tot de (westerse en niet-westerse) ‘allochtonen’. In 2005 was dit aandeel allochtonen nog 37%. Er is de afgelopen 10 jaar dus sprake van een flinke toename met 11% .

Marokkaanse Nederlanders vormen met 7,4% van het totaal aantal verdachten de grootste groep allochtone verdachten. Dat betekent dat één op veertien verdachten van Marokkaanse herkomst is. In vergelijking met 2005 is er sprake van een toename met 1,5%. Omdat Marokkaanse Nederlanders 2,25% van de totale bevolking vormen, is er sprake van een forse oververtegenwoordiging. Turkse Nederlanders vormen 4,7% van het totaal aantal verdachten en zijn ook, in mindere mate, oververtegenwoordigd.

Trouw laat informatie weg

Opvallend is dat Trouw relevante informatie uit het Jaarrapport Integratie 2012 (blz 184 en 192), die deze cijfers in perspectief zou kunnen plaatsen, weglaat. Zo was de afname van de oververtegenwoordiging van allochtonen tussen 2000 en 2006 volgens het CBS te verklaren doordat het aantal verdachte autochtonen juist tijdelijk toenam. Dit was volgens het CBS het gevolg van een herverdeling van politiebudgetten ten gunste van het platteland, waar minder allochtonen wonen.

Daarnaast kan de oververtegenwoordiging van niet-westerse allochtonen in de criminaliteit volgens het CBS voor een belangrijk deel worden verklaard worden door hun gemiddeld slechtere sociaaleconomische positie ten opzichte van autochtonen. Na correctie voor verschillen in sociaaleconomische achtergrondkenmerken neemt de oververtegenwoordiging onder alle herkomstgroepen weliswaar af, maar verdwijnt niet helemaal. Zo worden Marokkaanse en Antilliaanse Nederlanders ook na correctie nog steeds twee keer vaker verdacht van een misdrijf dan autochtonen. Het verschil tussen autochtonen en Turkse Nederlanders en de groep overige niet-westerse allochtonen is na correctie voor sociaaleconomische omstandigheden nog maar heel klein.

Conclusie

Er is geen bewijs gevonden voor de bewering van Trouw dat de criminaliteit niet onder alle bevolkingsgroepen zou dalen. Integendeel, het aantal verdachten neemt onder alle grote bevolkingsgroepen, dus ook onder Marokkaanse en Antilliaanse Nederlanders af. Goed nieuws dus.

Omdat het aantal verdachten onder autochtonen sneller afneemt dan onder allochtonen, neemt het aandeel van allochtonen in het aantal totaal verdachten wel toe. In hoeverre etnische profilering hierbij een rol speelt is niet bekend.

De bewering ten slotte dat één op de vier verdachten van Marokkaanse herkomst is, is volstrekt onjuist. Het gaat om één van de veertien verdachten.

De conclusie kan niet anders zijn dan dat Trouw prutswerk heeft geleverd.

Een eerdere versie van dit stuk verscheen in Zaman Vandaag  Dit stuk verscheen ook op Republiek Allochtonië

Update 5 november:

Trouw kwam naar aanleiding van mijn stuk en het stuk op Sargasso met een tweet en een nieuw artikel met de kop dat de criminaliteit onder alle bevolkingsgroepen wel daalt.

//platform.twitter.com/widgets.js

Een gedachte over “Factcheck van drie beweringen in Trouw over criminaliteit

  1. De juiste cijfers op een rij zetten blijft belangrijk.
    Of de gekleurde kijker deze cijfers recht doet blijft een subjectieve zaak.

    De borrelpraat zal jammer genoeg nog veel gebruik maken van verkeerd geciteerde onderzoeken.

    Bezorgde groet,

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s